Meer sociale huurwoningen in Amsterdam

Er komen meer sociale huurwoningen in Amsterdam. Dat hebben de Amsterdamse woningcorporaties besloten. Daarom mogen ze ook meer geld lenen. Dit is goed nieuws voor mensen die nog geen woning kunnen kopen en dus zijn aangewezen op betaalbare huurwoningen.

Overigens worden er jaarlijks zo’n 2.400 sociale huurwoningen in Amsterdam gebouwd. Dat is een forse toename vergeleken met de voorgaande jaren. Tijdens de crisisjaren kwamen er in totaal ongeveer 800 sociale huurwoningen bij.

Geen studentenwoningen maar doorsnee huurwoningen

De woningcorporaties hebben in de voorbije jaren vooral huurwoningen gebouwd die geschikt waren/zijn voor studenten. Wethouder Laurens Ivens van de SP (Wonen) vertelt dat het in dit geval gaat om echte huurwoningen die er extra worden bij gebouwd. Dus doorsnee sociale woningen die geschikt zijn voor gezinnen.

Schade inhalen

Volgens de wethouder moeten de corporaties de schade inhalen. Want in de voorbije jaren zijn er veel te weinig sociale huurwoningen gebouwd. 2017 is wat dat betreft een zeer belangrijk keerpunt. Zo worden er straks eindelijk weer meer woningen gebouwd dan dat de woningcorporaties verkopen. De nieuwbouw zal in het komende jaar (2018) worden verdubbeld. Naast de investeringen in nieuwbouw, zullen ook vele bestaande woningen worden opgeknapt en beter worden geïsoleerd.

Verhoging leningen

100 mkb-leningen in oktober verstrekt bij Funding CircleDe belangrijkste woningcorporaties hebben in de overheden een partner gevonden als het gaat om de garantie voor leningen. Die garanties zijn namelijk verhoogd. Woningcorporaties kunnen dankzij die garanties meer geld lenen. In totaal wordt het gezamenlijk leenbedrag met maar liefst 300 miljoen euro verhoogd tot 8.6 miljard euro.

Corporaties staan er gezonder voor

Omdat de woningcorporaties er financieel een stuk beter voorstaan, durfden de lokale overheden hun garantiestellingen aanzienlijk te verhogen. Kortom: Goed nieuws voor huurders die (nog) geen woning kunnen kopen. Dit zal op termijn ook de doorstroming op de huurdersmarkt bevorderen.

Niet huren maar kopen?

Huurt u momenteel een woning maar bent u van plan een woning te kopen? Sluit dan een goedkope hypotheek af. Vergelijk alle hypotheken van verschillende aanbieders op Leningen.nl.

Frisia Financieringen

Frisia Financieringen is een Nederlandse organisatie die optreedt als bemiddelaar tussen consumenten en kredietverstrekkers. Doordat Frisia Financieringen vooraf geen adviezen aan consumenten geeft, worden er geen extra kosten in rekening gebracht voor de dienstverlening van deze kredietbemiddelaar.

Kosten voor de bemiddeling worden door de kredietverstrekkers betaald op het moment dat u een lening bij een kredietverstrekker aangaat. Houd er rekening mee dat kredietbemiddelaars vaak niet met alle Nederlandse kredietverstrekkers samenwerken. Dit betekent dat het voor kan komen dat u elders een goedkopere lening vindt door zelf een vergelijking tussen kredietverstrekkers te maken.

Alle financiële producten die door Frisia Financieringen worden aangeboden zijn online beschikbaar. Deze kredietbemiddelaar werkt zodoende zonder fysieke vestigingen. Mocht u vragen hebben over de diensten die Frisia Financieringen aanbiedt kunt u terecht bij de online klantenservice van deze organisatie. Het kan verstandig zijn om u vooraf te laten adviseren over de verschillende kredietvormen die via Frisia Financieringen af te sluiten zijn. Zo voorkomt u dat u een verkeerde keuze maakt, welke mogelijk grote financiële gevolgen heeft.

Leningen bij Frisia Financieringen 

Zoals reeds beschreven werd verstrekt Frisia Financieringen zelf geen kredieten aan Nederlandse consumenten. Frisia Financieringen richt zich enkel op de bemiddeling tussen een consument die een consumptief krediet zoekt en een kredietverstrekker, die dit geld aan de consument uitkeert. Bij consumptieve kredieten wordt doorgaans onderscheid gemaakt tussen een persoonlijke lening en een doorlopend krediet.

Een persoonlijke lening is ideaal voor mensen die vooraf precies weten welk bedrag zij moeten bekostigen. Denk aan de aanschaf van een nieuwe auto, de verbouwing van uw woning, enzovoorts. Bij een persoonlijke lening betaalt u maandelijks een deel van de lening terug, in combinatie met de bijbehorende rentekosten. Voor een persoonlijke lening wordt een vaste rente in rekening gebracht.

Een alternatief is een doorlopend krediet, waarbij u de lening maandelijks kunt verhogen. Bij een doorlopend krediet bieden kredietverstrekkers u een variabele rente. Ook nu lost u maandelijks een deel van de lening af. U kunt in maanden waarin u geld overhoudt meer aflossen, zodat uw maandlasten afnemen. Een doorlopend krediet is ideaal voor mensen met een variabel inkomen, mensen die regelmatig tegen onvoorziene kosten aanlopen, enzovoorts.

Direct online een lening aanvragen 

Bij Frisia Financieringen kunt u online een offerte aanvragen. Op basis van uw kredietaanvraag bekijkt Frisia Financieringen wat zij u kunnen bieden. Mocht uw kredietwaardigheid in twijfel worden getrokken, dan kan Frisia Financieringen uw kredietaanvraag naar beneden bijstellen. Vervolgens stuurt Frisia Financieringen uw kredietaanvraag naar verschillende Nederlandse kredietverstrekkers die u ieder een persoonlijk aanbod kunnen doen. Het goedkoopste aanbod wordt door Frisia Financieringen naar u doorgestuurd.

Stemt u in met de offerte van Frisia Financieringen? In dat geval dient u enkel nog een aantal persoonlijke documenten aan te leveren. Denk aan een bewijs van inkomsten, een kopie van uw identiteitsbewijs, enzovoorts. Zo is Frisia Financieringen ervan verzekerd dat u de maandelijkse lasten die een lening met zich meebrengt kunt bekostigen. Doordat Frisia Financieringen haar diensten online aanbiedt, is uw kredietaanvraag doorgaans erg snel geregeld.

Winkeliers bang voor opmars creditcard door nieuwe dienstverlener

Nederlandse winkeliers kijken enigszins bevreesd naar nieuwe ontwikkelingen op de betaalmarkt. Ze zijn met name bang dat de betalingsverkeerkosten zullen stijgen vanaf 2018. Want dan introduceren dienstverleners -voor de winkelier duurdere- nieuwe betalingsmogelijkheden. Deze nieuwe betaalmogelijkheden zijn flink prijziger dan pinnen aan de kassa.

Dat tekenen we op uit de mond van Michel van Bommel. Hij is secretaris van Detailhandel Nederland.

Nieuwe Europese betaaldienstrichtlijn pakt duur uit

De nieuwe Europese betaaldienstrichtlijn waar winkeliers bang voor zijn en die in 2018 wordt geïntroduceerd, is de Payment Service Directive 2. Afgekort met PSD2. Dankzij deze nieuwe richtlijn kunnen allerlei nieuwe betaaldiensten (meestal gericht op creditcard betalingen) worden opgezet. Maar het zijn nou juist de creditcard betalingen waar winkeleigenaren zich groen en geel aan ergeren.

Want om dergelijke diensten te kunnen leveren, moeten ze voldoen aan strenge eisen en bovendien betalen ze daarvoor vergoedingen die onnodig zijn. Voor een creditcardbetaling die een klant in de winkel doet, moeten winkeliers soms tot wel een paar procent over dat bestedingsbedrag afstaan.

20 maal duurder

De vergoeding die ze moeten afstaan voor een creditcardbetaling ligt ongeveer twintig maal hoger dan vergoedingen voor pinbetalingen.

Creditcardbetalingen zullen in de toekomst normaler worden

Winkeliers bang voor opmars creditcard door nieuwe dienstverlenerOok al betalen consumenten in Nederland nog vrij weinig met creditcards, vergeleken met andere landen, toch zijn winkeliers bang dat het aantal betalingen met creditcards in de toekomst flink zal toenemen. En daarmee automatisch ook hun kosten. Grote organisaties zoals PayPal, Google, Apple en zelfs Playstation en Facebook investeren juist in creditcardbetalingen. Ze gebruiken oude betaalmiddelen en steken deze in een nieuw jasje.

Winkeliers zijn bang dat op termijn dit type betalingen, door het uitrollen van PSD2, een hoge vlucht zal nemen. Dan nemen de kosten voor de consument én voor de winkeliers enorm toe.

Verschillen Nederlandse en Belgische schuldenberg

Waar in Nederland vóór 2017 veel geld werd afgelost, daar hebben ze in België momenteel te maken met een groot probleem. Volgens Eurostat en Bart Van Craeynest tenminste. In België is het al jaren aan de gang: Zowel bedrijven als consumenten steken zich steeds verder in de schulden. Vele gezinnen lenen meer geld dan goed voor ze is. Hoe het er in België voor staat, dat staat in schril contrast met Nederland en veel andere Europese landen.

Schuld van privésector stijgt

Het bureau Eurostat deed onderzoek naar de overheidsschulden en die van Belgische bedrijven en particulieren. Ze constateerde dat de totale schuld in 2016 was toegenomen met 296%. Om preciezer te zijn: Dit is 296% van het bruto binnenlands product (bbp). En zelfs op dit moment, in 2017, blijven Belgen schulden aangaan. Dhr. Bart Van Craeynest is hoofdeconoom van de vermogensbeheerder Econopolis en hij voorziet problemen voor België als dit zo doorgaat.

De schuldgraad neemt bij onze zuiderburen veel sneller toe dan in Nederland zelf. In Nederland sluiten bedrijven en consumenten weer sneller een lening af, toch is er in de jaren daarvoor veel geld afgelost. Daarnaast zijn de leennormen aangescherpt, waardoor men niet meer zo gauw teveel geld kan lenen.

België moet nog maar een paar landen boven zich dulden

Verschillen Nederlandse en Belgische schuldenbergBelgië zit wat de schulden in de privésector betreft dicht tegen probleemlanden zoals Portugal, Griekenland, Luxemburg, Ierland en Cyprus aan. Op termijn kan dit remmend werken op de economie. En daar is de Europese Commissie ook bang voor. Zij houden België dan ook extra in de gaten. Het zijn met name de hoge woningschulden die de Europese Commissie en de Nationale Bank van België zorgen baart.

Hoge woningschuld

We zien in Nederland sinds 2016 ook een verschuiving plaatsvinden: De woningmarkt raakt oververhit. De prijzen stijgen. Men moet meer geld lenen voor een woning. Maar in België is dit al een aantal jaren aan de gang. Belgische gezinnen steken zich meer en meer in de schulden, omdat de huizen duurder worden. De Nationale Bank verzint manieren om nog verdere prijsstijgingen te voorkomen.

Volgens Bart Van Craeynest moet hier z.s.m. iets aan gedaan worden. Bij een volgende crisis kan dit schuldenprobleem België anders wel eens de das omdoen.

Volgens het AFM nog altijd sprake van overkreditering

Volgens de AFM (Autoriteit Financiële Markten) is er nog altijd sprake van overkreditering bij consumenten en dat ligt aan de aanbieders van consumptieve kredieten. De AFM kwam tot deze conclusie nadat ze metingen deed voor het Klantbelang Dashboard.

Aanbieders van kredieten moeten volgens de AFM tevens tot betere oplossingen komen voor klanten die kampen met betalingsachterstanden. Dit kan en moet volgens de toezichthouder veel beter.

Het Klantbelang Dashboard van de AFM

De AFM meet ieder jaar hoe en in welke mate banken, kredietverstrekkers en verzekeraars de klanten centraal stellen. Dat doet de AFM middels een Klantbelang Dashboard. Daarmee bekijken ze onder meer in welke mate banken en kredietverstrekkers proberen te voorkomen dat klanten teveel schulden aangaan. Uit het onderzoek blijkt dat bij nog steeds veel klanten sprake is van overkreditering. Financiële instellingen doen er nog steeds te weinig aan om dit te voorkomen.

Krediet en bestedingsdoel

Ook wordt er met het Klantbelang Dashboard gemeten hoe banken omgaan met betalingsachterstanden op consumptieve kredieten. Tevens meet de AFM of er passende kredietvormen aangeboden worden. Het soort krediet moet namelijk altijd aansluiten bij het bestedingsdoel.

Meer informatie over uitgaven van klant inwinnen

Volgens het AFM nog altijd sprake van overkrediteringDe AFM constateert ook dat kredietaanbieders soms te weinig informatie over de uitgaven van klanten inwinnen. Dat heeft in bepaalde gevallen geleid tot overkreditering. Het inwinnen van de juiste info is belangrijk omdat ze daarmee o.m. kunnen inschatten wat de financiële positie is van klanten.

Betalingsproblemen en kredietverstrekkers

Zoals we al schreven heeft de AFM als toezichthouder ook gemeten hoe kredietverstrekkers met betalingsachterstanden van klanten omgaan. Zo constateert de toezichthouder dat de meeste kredietaanbieders niet de oorzaak van het probleem achterhalen maar zich alleen toeleggen op het innen van de betalingsachterstand.

Mobiel op afbetaling bij abonnement niet meer populair

Een mobiel kopen op afbetaling bij een Telecom abonnement is tegenwoordig niet meer zo populair. Het is sinds mei dit jaar vrij lastig geworden voor sommige consumenten om een telefoonabonnement af te sluiten met een smartphone op afbetaling. Zij kiezen daarom vaker voor een sim-only abonnement en kopen daarvoor een los toestel. Dat schrijft onderzoeksbureau Telecompaper.

44 procent van ondervraagden kiest voor losse telefoon

De cijfers liegen er niet om: In de eerste 3 maanden van 2017 koos nog maar 34 procent van de kopers voor een losse telefoon. Dit is in het derde kwartaal van dit jaar inmiddels gestegen naar 44 procent. Verder blijkt dat minder Nederlandse consumenten ervoor kiezen om het gehele aankoopbedrag van het toestel te lenen.

Een kwart van de kopers leenden in het eerste kwartaal van 2017 nog het totale toestelbedrag. In het afgelopen kwartaal (juli – september) daalde het naar 14 procent.

Telefoon op afbetaling wordt geregistreerd bij het BKR

Mobiel op afbetaling bij abonnement niet meer populairEen abonnement + ‘gratis’ telefoon kan niet meer zomaar worden aangevraagd. De provider is verplicht om bij een dure telefoon u aan te melden bij het BKR. Een abonnement waarbij u een telefoon op afbetaling neemt wordt gezien als een kleine persoonlijke lening. Dit geldt bij abonnementen waarbij u een telefoon neemt met een aankoopbedrag van meer dan 250 euro. U moet de provider aantonen dat u voldoende verdient.

Ook moet u uw vaste lasten doorgeven. Een melding bij het BKR kan negatieve gevolgen hebben. Zo kan uw maximale hypotheek bijvoorbeeld omlaag gaan.

Vodafone verliest omzet

Bij telecomprovider Vodafone merken ze dat minder consumenten een duur abonnement afsluiten. In het afgelopen kwartaal daalde de omzet met 8 miljoen euro. Er worden daarentegen bij deze provider meer sim-only-abonnementen aangevraagd. Ook bij de KPN zijn de inkomsten uit duurdere mobiele abonnementen sterk teruglopen.

WOZ-waarde omhoog. Grootste stijging in Amsterdam

En opnieuw is de WOZ-waarde gestegen. In 2016 steeg de gemiddelde WOZ-waarde van woningen ook al. Het CBS vermeldt dat de WOZ-waarde op 1 januari 2017 gemiddeld 216.000 euro was. Ten opzichte van vorig jaar is dat een flinke stijging van 3.3 %.

WOZ-waarde in Amsterdam stijgt hard

Amsterdam heeft al zo’n 2 jaar achtereen te maken met huizenprijzen die de pan uit rijzen. Ook de WOZ-waarde stijgt in Amsterdam flink. Zo heeft een gemiddeld woonhuis in de hoofdstad van Nederland een WOZ-waarde van 290.000 euro. In 2016 was de gemiddelde WOZ-waarde nog aar 253.000 euro.

Met een stijging van maar liefst 15 % spant Amsterdam dus de kroon. En het is een nieuw record. Het vorige record dateert uit 2010. Ook in gemeenten rondom Amsterdam en in Utrecht steeg de waarde bovengemiddeld.

Landelijke WOZ-waarde nog altijd laag:

De landelijke, gemiddelde WOZ-waarde blijft achter. Althans, deze is nog 11 % lager dan het gemiddelde in 2010. Om het record uit 2010 te kunnen verbreken moet de landelijke gemiddelde WOZ-waarde uitkomen op meer dan 11 %.

Hoe wordt de WOZ-waarde vastgesteld?

WOZ-waarde omhoog. Grootste stijging in AmsterdamJaarlijks wordt de WOZ-waarde door Nederlandse gemeenten vastgesteld. Ze gebruiken daarvoor onder meer de verkoopprijzen van vergelijkbare woningen (in dezelfde regio) maar ook andere factoren spelen een rol. De WOZ-waarde is voor woningeigenaren belangrijk. Want op basis daarvan worden diverse belastingen bepaald zoals het eigenwoningforfait en de onroerendezaakbelasting. Raadpleeg uw WOZ-waarde hier.

Interessant weetje:

Wist u dat de WOZ-waarde bijna altijd de ontwikkelingen van de woningprijzen met plus minus een jaar vertraging volgt? Zo begint de WOZ-waarde eigenlijk pas 2016 weer te stijgen, terwijl de woningprijzen al sinds 2015 weer duidelijk aan het stijgen zijn. U kunt ook een speciaal WOZ-krediet afsluiten.

Lelystedelingen kunnen toch asbestlening afsluiten

 

In een vorig bericht informeerden we u al over de zogenoemde ‘asbestlening’. Met deze speciale lening kunnen inwoners van Lelystad asbestdaken saneren, indien ze de kosten daarvan niet zelf kunnen financieren. Sommige inwoners van Lelystad konden deze speciale lening niet afsluiten. Tot voor kort dan.

Want het is voor hen nu toch mogelijk om de asbestlening aan te vragen bij het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Nederlandse gemeenten. Dat heeft het college van burgemeester en wethouders voorgesteld aan de gemeenteraad van Lelystad.

Geld lenen voor duurzame oplossingen

Zowel particulieren als bedrijven kunnen een financiering aanvragen bij het SVn (Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Nederlandse gemeenten) voor duurzame oplossingen. Het zijn met name veel agrarische bedrijven die verplicht hun asbestdaken moeten saneren. Maar vaak ontbreken daar de financiële middelen voor. Via het fonds (SVn) kunnen zij een speciale asbestlening afsluiten, zodat aan de verplichting kan worden voldaan.

John van den Heuvel, wethouder van Lelystad, geeft aan dat de gemeente niet direct geld kan uitlenen aan de betrokkenen. Want daar steekt de wet een stokje voor.

Tien procent kwam niet in aanmerking voor de lening

Lelystedelingen kunnen toch asbestlening afsluitenVan alle inwoners van Lelystad komt zo’n tien procent niet in aanmerking voor de speciale lening en kunnen zij hun asbestdak niet laten verwijderen. Dit betreft ongeveer 70 huishoudens. Volgens berekeningen zouden deze huishoudens niet bij machte zijn om de lening af te lossen.

Wethouder John van den Heuvel kreeg de opdracht om voor deze huishoudens met een oplossing te komen. Want dat zij geen lening kunnen afsluiten, dat vond de gemeenteraad onacceptabel.

Nieuwe voorwaarden maatwerklening

De oplossing is eenvoudig: Er wordt een maatwerklening afgesloten. Zo kunnen huishoudens die anders moeite hadden met de aflossing, kiezen voor een langere looptijd. Ze hoeven dan maandelijks minder geld af te lossen.

Heeft u een asbestdak en bent u inwoner van de gemeente Lelystad? Dien dan een aanvraag in voor een asbestlening bij uw gemeente. Zij zullen uw aanvraag bekijken en eventueel doorsturen naar het fonds SVn. Een andere lening van de SVn is de blijverslening.

Nieuwe lening voor funderingsherstel

Is uw fundering verzakt of moet het gedeeltelijk vervangen worden? Eigenaren van woningen die dringend geld nodig hebben om funderingsherstel aan hun huis te kunnen financieren, die kunnen vanaf oktober dit jaar een speciale funderingslening afsluiten. Ze kunnen de lening bij het Fonds Duurzaam Funderingsherstel aanvragen.

Het Fonds Duurzaam Funderingsherstel

Waarom is Het Fonds Duurzaam Funderingsherstel in het leven geroepen? Dit fonds is er voor gemeenten, provincies én woningeigenaren. Ze werd opgericht om Nederlandse gemeenten/provincies te helpen, zodat eigenaren van woningen snel een financiering rond kunnen krijgen voor urgent funderingsherstel.

U kan deze lening alleen afsluiten voor funderingsherstel waarbij haast geboden is. Alleen in gemeenten en provincies, die zich hebben aangesloten bij Het Fonds Duurzaam Funderingsherstel, wordt de funderingslening aangeboden. Het is de SVn die de beheerder is van dit fonds. Bij hen vraagt u dan ook deze lening aan.

Meer woningen met funderingsproblemen in de toekomst

Instanties verwachten dat binnen nu en 15 jaar veel meer woningeigenaren te maken krijgen met funderingsproblemen. Dit zal het gevolg zijn van grondwaterstanden die veranderen, de klimaatverandering en bodemdaling. Het aantal woningen met dergelijke problemen neemt naar schatting met 35.000 toe. Op de langere termijn zullen mogelijk zelfs honderdduizenden woningeigenaren met dit grote probleem te maken krijgen.

Funderingslening alleen voor noodzakelijk herstel

Nieuwe lening voor funderingsherstelBeschadigde funderingen moeten zo snel mogelijk gerepareerd/hersteld worden. De hele woning rust er immers op. Het herstel van een fundering is duur. Vooral omdat veel huizen in Nederland (de rijtjeswoningen) aan elkaar zijn gebouwd. Repareren heeft dan alleen zin als de funderingen van alle woningen in één keer hersteld worden.

Als echter 1 eigenaar niet kan meefinancieren, dan kan er geen herstel gepleegd worden. Bij bepaalde gemeenten in Nederland is het voor dergelijke woningeigenaren toch mogelijk om daarvoor een financiering rond te krijgen. Namelijk via Het Fonds Duurzaam Funderingsherstel.

Zo wordt voorkomen dat andere woningeigenaren in de problemen komen omdat 1 eigenaar de financiering niet rond krijgt. De funderingslening moet overigens verplicht unnuïtair afgelost worden. Hij heeft een maximale looptijd van dertig jaar. Boetevrij versneld aflossen is toegestaan.

Nederlandse Voorschotbank moest lening oversluiten naar lagere leenrente

De Geschillencommissie Financiële Dienstverlening van het Kifid heeft een bindende uitspraak gedaan in een zaak waarbij een consument jaren geleden een krediet afsloot bij De Nederlandse Voorschotbank. Deze bank behoort tot de Crédit Agricole Group. In 2007 sloot de klant 2 verschillende leningen af bij de Nederlandse Voorschotbank. Hij legde de zaak voor bij het Kifid, nadat hij 2 verschillende rentetarieven moest betalen. Het verschil tussen beide tarieven was bijna 6 %.

Bank moet meewerken bij het oversluiten van lening

De Geschillencommissie Financiële Dienstverlening onderzocht de zaak en concludeerde dat de bank verplicht is om mee te werken bij het oversluiten van het doorlopend krediet en wel naar een lager rentetarief. En als ze weigeren, dan moeten ze de rente die betaald is vergoeden.

Twee jaar na het afsluiten wordt de lening overgesloten

Twee jaar nadat de consument het doorlopend krediet afsluit wordt het krediet overgesloten binnen Crédit Agricole.
De rente stijgt plotseling van 8.9 % naar 10.6 % in de periode 2011 tot 2015. Omdat de klant ondertussen ten onrechte een negatieve BKR-registratie had ontvangen, lukte het hem niet om het dure krediet over te sluiten. Pas nadat de registratie kwam te vervallen lukte dit. Hij krijgt een nieuw doorlopend krediet bij dezelfde bank aangeboden en dat tegen een veel lager rentetarief: Bijna 6 % lager dan zijn oude krediet. De consument doet zijn beklag bij de Geschillencommissie omdat hij vindt dat hij 5 jaar lang een veel te hoog rentetarief heeft betaald. Volgens hem moet de bank de teveel betaalde rente terugbetalen.

Redelijkheid en billijkheid is de norm


En de klant krijgt gelijk. De Geschillencommissie oordeelt dat de bank wél een variabele rente tijdens de looptijd mag aanpassen, maar dan alleen in alle redelijkheid en billijkheid. De bank kon het enorme renteverschil niet verklaren. De consument kon namelijk in dezelfde periode een lening bij een dochtermaatschappij afsluiten met een rente van 4.7 % en bij de andere maatschappij (ook een dochtermaatschappij) een lening tegen een rente van 10.6 %. Het verschil in voorwaarden bij beide leningen kan dit grote renteverschil ook niet verklaren. De bank moet van de Geschillencommissie de teveel betaalde leenrente daarom verplicht vergoeden.

Leningen oversluiten

Heeft u een te dure lening afgesloten? Deze kan u misschien oversluiten naar een goedkopere lening. Leningen vergelijken doet u op Leningen.nl. Wij zijn 100% onafhankelijk en tonen u daarom altijd de goedkoopste aanbieders.